Living Labs in the Dutch Delta: de onderzoeksprojecten

Nederland als laaggelegen delta moet zich voorbereiden op de consequenties van zeespiegelstijging, bodemdaling en klimaatverandering. Gezamenlijke inspanning van de overheid, kennisinstituten en het bedrijfsleven is nodig voor de ontwikkeling van een langetermijnvisie op klimaatadaptatie. Dit leidde tot de call Living Labs in the Dutch Delta als onderdeel van het NWO-werkprogramma 2018-2019 voor de Topsector Water & Maritiem. Door goede samenwerking konden vijf onderzoeksprojecten op het gebied van water en klimaat starten.

Zandsuppletie
©Rob Poelenjee

Alle projecten bestuderen bestaande of geplande grootschalige, op het natuurlijk systeem gebaseerde ingrepen en de verbetering van de veerkracht van in het kust- en rivierengebied. De fysieke locaties van deze ingrepen dienen als Living Labs waar kennisinstituten, bedrijven en overheidsinstanties samenwerken op het grensvlak van geowetenschappen, ecologie en de gerelateerde sociale en economische aspecten. Het inhoudelijke kader van het programma is ontwikkeld en gefinancierd in samenwerking met het Nationaal Kennis- en Innovatieprogramma Water en Klimaat (NKWK).

Samenwerking

Eén van de doelen van de Living Labs in the Dutch Delta is het versterken van de samenwerking van kennisinstituten, het bedrijfsleven en overheden – de gouden driehoek. Het bundelen van financiering door verschillende NKWK-partners in een NWO call for proposals creëerde een unieke kans voor nieuwe ideeën en samenwerkingen. Het gezamenlijk definiëren van kennisvragen met publieke en private partijen is een waardevolle aanpak die bijdraagt aan de ontwikkeling van een langetermijnvisie op klimaatadaptie.

Voorziene maatregelen moeten effectief, adaptief, schaalbaar en maatschappelijk acceptabel te zijn, en ook multifunctioneel door rekening te houden met de ecologie en economie. De langetermijnuitdagingen vereisen nieuwe geïntegreerde inzichten uit verschillende wetenschapsdisciplines samen met ervaringen op het gebied van implementatie en toepassingen.

Integratie universiteiten en hogescholen

Niet alleen de gouden driehoek zocht de samenwerking met elkaar. Ook de samenwerkingen tussen universiteiten en hogescholen binnen projecten is goed van de grond gekomen. Dit versterkt het onderzoeksnetwerk in de watersector en sluit aan bij de ambitie om wetenschappelijke kennisontwikkeling via praktijkonderzoek te koppelen aan uitvoering en toepassingen.

Overzicht projecten

De kwaliteit van de ingediende projectvoorstellen was hoog. Dankzij een additioneel NWO-budget voor de Topsector Water & Maritiem en een extra bijdrage van Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA en van Rijkswaterstaat konden in totaal vijf projecten worden toegekend. De volgende projecten hebben financiering ontvangen en zijn gestart met hun onderzoek:

• C-SCAPE: Zandige klimaatadaptatie maatregelen voor duurzame kustontwikkeling

Zandsuppleties op de kust zijn onmisbaar als natuurlijke maatregel tegen overstromingen. Tegelijkertijd bieden ze unieke kansen voor natuur en maatschappij. Door klimaatverandering is een sterke toename van het jaarlijkse suppletievolume voorzien. C-SCAPE wil de kennis en de instrumenten ontwikkelen die deze schaalsprong mogelijk maken. Hiervoor wordt een Living Lab ingericht rond het grootschalige kustversterkingsproject Hondsbossche Duinen en het pilotproject de Zandmotor voor natuurlijke kustbescherming. Op deze locaties worden bestaande meetreeksen verrijkt met aanvullende metingen, die inzicht geven in de morfologische, ecologische en socio-economische effecten van grootschalige suppleties. Hierdoor kunnen toekomstige klimaatadaptatie maatregelen beter ontworpen en geëvalueerd worden.

• De Hedwige-Prosperpolder als experiment voor toekomstig kustbeheer in Nederland

De Hedwige-Prosperpolder wordt ontpolderd voor natuurbehoud. Dat heeft verzet opgeroepen, maar kan Nederland ook veel leren over innovatief kustbeheer. Schorren beschermen dijken tegen doorbraak; als het toch misgaat, beperken ze de omvang van de dijkbreuk. Dijken verleggen om schorren te laten groeien, kan wellicht de kustveiligheid verhogen. In dit project wordt technisch onderzocht hoe schorren dijkbreuken beperken, hoe dijkverlegging schorontwikkeling kan bevorderen, en hoe dijken aan een begroeid voorland kunnen worden aangepast. Helpen deze nieuwe inzichten de bevolking met het nieuwe landschap te verzoenen?

• Grenzen verleggen bij de Grensmaas

Zand- en grindwinning dragen bij aan economische winst voor bedrijven, natuurontwikkeling en het helpt om omliggende dorpen tegen overstromingen te beschermen. Dit project analyseert hoe de Grensmaas omgaat met ecologische, sociale en economische verrassingen.

• ReAShore: Zorgen voor vitale zandige kustversterkingen

Grootschalige zandige kustbescherming en -versterkingen zoals de Zandmotor en de Hondsbossche Duinen combineren kustveiligheid en ruimtelijke kwaliteit. Dit project onderzoekt hoe deze twee doelen ook op lange termijn goed samengaan. De wederzijdse beïnvloeding van enerzijds gebruik en beheer van deze door de mens aangelegde kusten en anderzijds de natuurlijke landschapsvormende processen als zandtransport, plantengroei en duinontwikkeling worden bestudeerd.

De resultaten vormen input voor de ontwikkeling van een ontwerptool. Die wordt ingezet om samen met gebruikers en belanghebbenden te komen tot ontwerpen en gebruiks- en beheerscenario’s die de lange termijn doelen voor kustveiligheid en ruimtelijke kwaliteit optimaal bedienen.

• TRAILS: TRacking Ameland Inlet Living lab Sediment – Novel tools to assess ecosystem and societal responses to nature-based coastal management

Om te voorkomen dat de Nederlandse kust erodeert en de Waddenzee verdrinkt, worden grote hoeveelheden zand voor de Waddenkust aangebracht. Zandsuppleties dragen indirect bij aan het veilig houden van het achterland en dragen bij aan natuur- en recreatiewaarden langs de kust. Het is nog onduidelijk hoe dit zand zich verspreidt, en wat de impact is op biodiversiteit, visserij en veiligheid. Het natuurlijk laboratorium is het Amelander zeegat. Nieuwe methoden worden ontwikkeld om de verspreiding van suppletiezand te bepalen en met belanghebbenden effecten van suppleties te onderzoeken en nieuwe suppletie-strategieën te evalueren.

Meer informatie over de partners en de aanvragers van de projecten vind je op de website van NWO.